Ik loop al een jaar of drie met improvisatie te worstelen. Een oplossing heb ik niet, ik zie het ook nog steeds als m’n zwakste punt. Maar ik ben er wel anders overgaan denken, hetzij tergend langzaam ben ik er ook beter in geworden.
Orf en Ted hebben al goede tips gegeven, daar kan ik nog het eea aan toevoegen misschien.
Er zijn volgens mij maar weinig spelers die uit de blote kersenpit non-stop iets (goeds) kunnen spelen dat compleet nieuw voor ze is. Het is dus ook een definitie kwestie. Spelen met variaties en combinaties zodat je zelf en luisteraar niet verveeld raken is voor de gewone sterveling wel te doen. En is iets dat je moet leren denken denk ik, of misschien is het meer een proces waar je nooit klaar mee bent, ik weet het niet.
Maar hoe doe je dat?? Ik heb een paar realisaties en oefeningen die mij helpen.
• Een lick is meer dan een serie noten. Wat de lick de ‘lick’ maakt is de ruimte die het inneemt binnen de maat/maten. De mogelijke volgorden van de noten is tot op zekere hoogte eindig maar in combinatie met waar je ze speelt en hoe lang je noten aanhoudt worden de mogelijkheden oneindig.
Dus stamp met je voet en speel een (bestaande) lick. Maak zoveel mogelijk variaties, met de lengte van noten of aantal noten dat je speelt etc. Al snel speel je dingen die je waarschijnlijk nooit eerder speelde, dan improviseer je toch?
• Een lick in eenzelfde timing gespeeld kan ook eindeloos gevarieerd worden Door vibrato, handeffecten, dynamiek. Of ipv een 3 draw gebend speel je een 3-4 draw. Met de 4-5 kan je dat ook doen. Ipv een single note speel je een octaaf voor de verandering. Als je een lange vier draw wilt spelen, begin je ‘m eerst heel kort gebend en laat je ‘m omhoog komen, gescooped zeg maar. Dan zijn er nog minuscule variaties in timing en allerlei variaties in hoe je de noot kan ‘aanslaan’. Vanuit een open mondstand naar een single noot, zodat je eerst een beetje akkoord hoort. Glissandos, en vast nog veel meer, de hele wereld van tongue blocking buiten beschouwing gelaten.
• Een andere improvisatie oefening ken ik van Gussow. Stamp met je voet (of gebruik een metronoom) neem twee noten: bijv 2 draw en 3 halve toon gebogen. Zie eens hoeveel variaties je alleen met die twee noten kunt spelen. Als je niets meer weet en te veel gaat herhalen gooi je er een volgende noot bij. 2 draw bend 4 blow etc.
• Laatste wat me te binnen schiet. Als je een aantal wat langere licks kent, een paar turnarounds, en wat trucjes, kan je makkelijk wat rondjes 12 bar blues vullen door ze te combineren. Zo’n turnaround of lick hoef je op een gegeven moment niet meer noot voor noot te kennen, maar is meer een vaag concept. Je weet de begin en de eind noot én waar je ‘m gaat eindigen ongeveer. Op zo’n manier heb je allerlei ‘blauwdrukken’ om een blues te vullen en de daadwerkelijke uitvoering kun je improviseren.
Dit is nu meer de manier hoe ik het benader. Ik beheers dit alles nog lang niet naar tevredenheid, maar het schiet meer op dan me enkel ergerlijk verwonderen hoe sommige het voor mekaar spelen. Laatste tip die ik ook al las: ook iets bewust niet spelen is improviseren.